Een vliegveldsituatie wordt gegeven door (N,k), met N={1,2,3} en k=(50,60,100). Bepaal het bijbehorende vliegveldspel (N,c).
S | {1} | {2} | {3} | {1,2} | {1,3} | {2,3} | N |
c(S) | 50 | 60 | 100 | 60 | 100 | 100 | 100 |
S | {1} | {2} | {3} | {1,2} | {1,3} | {2,3} | N |
c(S) | 0 | 0 | 0 | 50 | 50 | 60 | 110 |
Geen van de andere opties is correct.
S | {1} | {2} | {3} | {1,2} | {1,3} | {2,3} | N |
c(S) | 50 | 60 | 100 | 110 | 150 | 160 | 210 |
Fout: De waarde van een coalitie is niet gelijk aan de som van de persoonlijke kosten van de spelers.
Zie Voorbeeld.
Correct: De waarde van een coalitie is gelijk aan de persoonlijke kosten van de speler met het hoogste nummer.
Probeer Opgave 2.
Fout: We zijn op zoek naar het kostenspel, niet naar het kostenbesparingsspel.
Zie Voorbeeld.
Fout: Het goede antwoord staat er echt tussen.
Probeer de opgave nogmaals.