Beschouw onderstaande matrix, vectoren en constante termen.
A=(137092588),v_=(10−2),w_=(823),c=2,d=3
We bepalen cAv_+dAw_.
Eerst hershrijven we de te bepalen matrix.
cAv_+dAw_=A(cv_)+A(dw_)=A(cv_+dw_)
Vervolgens bepalen we cv_ en dw_.
cv_=(20−4),dw_=(2469)
Dan tellen cv_ en dw_ bij elkaar op.
cv_+dw_=(2665)
Uiteindelijk vermenigvuldigen we A met de bovenstaande vector.
A(cv_+dw_)=(7964218)
A=(137092588),v_=(10−2),w_=(823),c=2,d=3
We bepalen cAv_+dAw_.
Eerst hershrijven we de te bepalen matrix.
cAv_+dAw_=A(cv_)+A(dw_)=A(cv_+dw_)
Vervolgens bepalen we cv_ en dw_.
cv_=(20−4),dw_=(2469)
Dan tellen cv_ en dw_ bij elkaar op.
cv_+dw_=(2665)
Uiteindelijk vermenigvuldigen we A met de bovenstaande vector.
A(cv_+dw_)=(7964218)