Beschouw de onderstaande matrices.
A=(001010100),B=(100001000010)
Welke van de onderstaande bewereringen is waar?
A=(001010100),B=(100001000010)
Welke van de onderstaande bewereringen is waar?
Antwoord 1 correct
Correct
Antwoord 2 optie
A is geen eenheidsmatrix, maar kan door middel van elementaire operaties herschreven worden naar een eenheidsmatrix. B is geen eenheidsmatrix, maar kan door middel van elementaire operaties herschreven worden naar een eenheidsmatrix.
Antwoord 2 correct
Fout
Antwoord 3 optie
A is geen eenheidsmatrix, maar kan door middel van elementaire operaties herschreven worden naar een eenheidsmatrix. B is een eenheidsmatrix.
Antwoord 3 correct
Fout
Antwoord 4 optie
A is geen eenheidsmatrix en kan niet door elementaire operaties herschreven worden naar een eenheidsmatrix. B is een eenheidsmatrix.
Antwoord 4 correct
Fout
Antwoord 1 optie
A is geen eenheidsmatrix, maar kan door middel van elementaire operaties herschreven worden naar een eenheidsmatrix. B is geen eenheidsmatrix en kan niet door elementaire operaties herschreven worden naar een eenheidsmatrix.
Antwoord 1 feedback
Correct: Door het verwisselen van rijen kun je van A de matrix I3 maken. B is niet vierkant en kan daarom niet herschreven worden naar een eenheidsmatrix.
Ga door.
Ga door.
Antwoord 2 feedback
Antwoord 3 feedback
Antwoord 4 feedback