We lossen het onderstaande gebonden optimalisatieprobleem op door middel van het eerste orde criterium.
Dit vullen we in in de restrictie: 4x+y=10 wordt dan 4x+4x+6=10. Oplossen naar x geeft x=12.
Dus y=4⋅12+6=8.
Dit geeft z(12,8)=32. We moeten nu nog nagaan of dit een maximum is. Dit doen we door voor twee toegelaten combinaties van x en y de functiewaarde te bepalen; één met een kleinere x-waarde (en dus een grotere y waarde) en één met een grotere x-waarde (en dus een kleinere y-waarde).
Omdat z(1,6)=30<32=z(12,8) en z(14,9)=3112<32=z(12,8) geldt dat z(12,8)=32 een maximum is.
- Maximaliseer z(x,y)=2xy+3y
- Onder de voorwaarde 4x+y=10
- Met x,y>0
Dit vullen we in in de restrictie: 4x+y=10 wordt dan 4x+4x+6=10. Oplossen naar x geeft x=12.
Dus y=4⋅12+6=8.
Dit geeft z(12,8)=32. We moeten nu nog nagaan of dit een maximum is. Dit doen we door voor twee toegelaten combinaties van x en y de functiewaarde te bepalen; één met een kleinere x-waarde (en dus een grotere y waarde) en één met een grotere x-waarde (en dus een kleinere y-waarde).
Omdat z(1,6)=30<32=z(12,8) en z(14,9)=3112<32=z(12,8) geldt dat z(12,8)=32 een maximum is.