Bepaal de partiële afgeleiden naar x en naar y van de functie
z(x,y)=ln(x2+2y2+13).
Voor het bepalen van beide partiële afgeleiden is het handig om z(x,y) te schrijven als
z(x,y)=u(v(x,y))metu(v)=ln(v)env(x,y)=x2+2y2+13.
We zullen voor beide partiële afgeleiden de kettingregel gebruiken.
Als we de partiële afgeleide naar x bepalen, hebben we v′x(x,y) nodig. Hierbij kunnen we y en dus ook 2y2 behandelen als een constante; we krijgen dan:
v′x(x,y)=2x+0+0=2x.
De partiële afgeleide van z(x,y) naar x is vervolgens:
z′x(x,y)=u′(v(x,y))⋅v′x(x,y)=1v(x,y)⋅2x=2xx2+2y2+13.
Als we de partiële afgeleide naar y bepalen, hebben we v′y(x,y) nodig. Hierbij kunnen we x en dus ook x2 behandelen als een constante; we krijgen dan:
v′x(x,y)=0+2⋅2y+0=4y.
De partiële afgeleide van z(x,y) naar y is vervolgens:
z′y(x,y)=u′(v(x,y))⋅v′y(x,y)=1v(x,y)⋅4y=4yx2+2y2+13.
z(x,y)=ln(x2+2y2+13).
Voor het bepalen van beide partiële afgeleiden is het handig om z(x,y) te schrijven als
z(x,y)=u(v(x,y))metu(v)=ln(v)env(x,y)=x2+2y2+13.
We zullen voor beide partiële afgeleiden de kettingregel gebruiken.
Als we de partiële afgeleide naar x bepalen, hebben we v′x(x,y) nodig. Hierbij kunnen we y en dus ook 2y2 behandelen als een constante; we krijgen dan:
v′x(x,y)=2x+0+0=2x.
De partiële afgeleide van z(x,y) naar x is vervolgens:
z′x(x,y)=u′(v(x,y))⋅v′x(x,y)=1v(x,y)⋅2x=2xx2+2y2+13.
Als we de partiële afgeleide naar y bepalen, hebben we v′y(x,y) nodig. Hierbij kunnen we x en dus ook x2 behandelen als een constante; we krijgen dan:
v′x(x,y)=0+2⋅2y+0=4y.
De partiële afgeleide van z(x,y) naar y is vervolgens:
z′y(x,y)=u′(v(x,y))⋅v′y(x,y)=1v(x,y)⋅4y=4yx2+2y2+13.